23 Things They Don’t Tell You About Ca­pi­ta­lism (2010) – Ha-Joon Chang

Het is voor ie­der­een die de fi­nan­ci­ë­le cri­sis be­wust heeft mee­ge­maakt – of die hem nu aan den lij­ve on­der­vindt – nog een beet­je slik­ken over de af­ter­math. Op de een of an­de­re ma­nier is er een enorm gat in de glo­ba­le eco­no­mie ge­sla­gen, waar­bij uit­een­spat­ten­de hy­pe-bub­bels, te gro­te na­ti­o­na­le schul­den en be­gro­tings­te­kor­ten – en een gam­me­le fi­nan­cie­ring er­van – ons be­staans­com­fort in­eens merk­baar aan­tas­ten. Ook on­ze munt staat on­der zwa­re druk. Ik denk dat er niet veel men­sen zijn aan wie de cri­sis mo­men­teel on­ge­merkt voor­bij gaat. Daar­om zit ik nu sa­men met een hal­ve pla­neet aan me­de­men­sen met de vraag, waar­om zij die ons dit heb­ben aan­ge­daan – de ban­kiers, de spe­cu­lan­ten en an­de­re geld­han­de­la­ren – er straf­fe­loos van­af ko­men. Ik heb in ie­der ge­val niet ge­zien dat er ook maar er­gens gro­te jon­gens ach­ter de tra­lies zijn ver­dwe­nen, dat ze zelfs maar qua in­ko­men ach­ter­uit zijn ge­gaan, of dat ze wordt ver­bo­den nog lan­ger hun be­roep uit te oe­fe­nen.

Dat vind ik dus vreemd. Die ka­pi­tein die laatst met zijn crui­se­boot te dicht langs de kust voer zit in ar­rest. Waar­schijn­lijk is dat ook te­recht. Maar de gro­te-geld­jon­gens, die door hun ein­de­lo­ze heb­be­rig­heid en “ex­hi­bi­ti­o­nis­ti­sche zelf­ver­rij­king” de he­le fi­nan­ci­ë­le we­reld aan de rand van de af­grond heb­ben ge­bracht, gaan vrij­uit. Ster­ker nog: de scha­de die is ont­staan en die in de hon­der­den mil­jar­den loopt, wordt nu ach­ter­af ge­woon door de be­las­ting­be­ta­lers en an­de­re na­ti­o­na­le be­zui­ni­gings­slacht­of­fers op­ge­bracht – we­reld­wijd. En dat ter­wijl de men­sen die met hun le­ga­le zwen­del rijk zijn ge­wor­den, dat nog steeds zijn. Is dat ge­rech­tig­heid?

Ik heb me al­tijd ver we­ten te hou­den van eco­no­misch den­ken – door som­mi­gen ge­heel on­te­recht ook wel eens “we­ten­schap” ge­noemd –  maar ik ont­kom er nu niet meer aan. Ik moet op de een of an­de­re ma­nier de ge­voe­lens van on­recht die mij pla­gen en de ster­ke re­vo­lu­tie­drang die daar­uit voort­komt, ka­na­li­se­ren en neu­tra­li­se­ren. An­ders func­ti­o­neer ik niet meer; of ik kom niet meer in slaap. Ik wil dat ech­ter wel op een dus­da­ni­ge ma­nier doen dat ik niet uit po­si­tie ge­pie­peld wordt door een ho­te­me­toot die me kan uit­leg­gen dat die eco­no­mie van ons al­tijd goed voor de we­reld is ge­weest. En dat de cri­ses (mv!) van nu slechts een on­ge­luk­ki­ge sa­men­loop van om­stan­dig­he­den zijn.

Dat is na­me­lijk in het ge­heel niet zo. Er heb­ben men­sen wil­lens en we­tens in de we­reld­se geld-ruif zit­ten graai­en op een bij­na as­tro­no­mi­sche schaal en daar­bij be­wust de risico’s ge­cre­ëerd die nu wer­ke­lijk­heid zijn ge­wor­den, en ze ko­men er nog mee weg ook. Spe­cu­la­tie door mid­del van pi­ra­mi­de-sche­ma’s, maar dan met sub­pri­me fi­nan­ci­ë­le pro­duc­ten (niet al­leen hy­po­the­ken), zo is het ge­ko­men de­ze el­len­de. Ik moet er op één of an­de­re ma­nier toch een hand­vat op draai­en dat de be­den­kers en be­gun­stig­den van al dit moois ge­woon op de Bahama’s ach­ter hun cock­tails zit­ten, en niet in de cel.

En­ter Ha-Joon Chang. Ik kwam Chang te­gen tij­dens de jaar­in­tro­duc­tie 2012 van VPRO’s Te­gen­licht, waar de ko­men­de eco­no­mi­sche trends voor 2012 door een aan­tal men­sen die het we­ten kun­nen uit­een wer­den ge­zet. En de­ze me­neer, die ook in de uit­zen­ding zat, deed daar een aan­tal dus­da­nig in­te­res­san­te uit­spra­ken, dat ik di­rect op het spoor van zijn boe­ken werd ge­zet. Het eer­ste wat hij bij­voor­beeld stel­de, was dat “de be­lang­rij­ke ac­to­ren op de fi­nan­ci­ë­le mark­ten op dit mo­ment het leeu­wen­deel van de En­gel­se po­li­tie­ke par­tij­en fi­nan­cie­ren. Dat zorgt er voor dat de­ze par­tij­en die fi­nan­ciers dus nooit echt hard zul­len aan­pak­ken.…” Want, wie bijt er nu de hand die hem voedt? Nie­mand dus, al­hoe­wel dat nu zeer wen­se­lijk zou zijn na­tuur­lijk. Fi­nan­ciers en hun kor­nui­ten heb­ben hun be­scher­ming op hoog po­li­tiek ni­veau in­ge­kocht. De mo­raal van dit ver­haal wordt lang­za­mer­hand schreeu­wend dui­de­lijk: de geld­ma­kers heb­ben zich ver­ge­wist van im­mu­ni­teit voor ver­vol­ging en heb­ben hun spe­ci­a­le po­si­tie op de markt vei­lig ge­steld door met de po­li­tiek aan te pap­pen. Die spe­ci­a­le po­si­tie, die er zelfs voor zorgt dat ze nu be­las­ting­geld ge­four­neerd krij­gen om te over­le­ven (in plaats van om­val­len) in het ge­val van ramp­spoed, wordt dan ook nog eens ge­kocht van winst­gel­den die uit het con­su­men­ten­volk zijn ge­perst! En zo is de cir­kel rond. Jan met de pet, die nu wordt af­ge­kne­pen, heeft het na­kij­ken ter­wijl de po­li­ti­ci en de ban­ken op zijn kos­ten war­me dou­ches met el­kaar ne­men.

De­ze eye-ope­ner van Chang was vol­doen­de mo­ti­va­tie voor een aan­koop van zijn boek “23 Things They Don’t Tell You About Ca­pi­ta­lism”. En ik ben geens­zins te­leur­ge­steld. Chang is een eco­no­mie-pro­fes­sor op de uni­ver­si­teit van Cam­brid­ge en hij kent het klap­pen van de zweep. En hij is ook – en dat char­meert me bui­ten­ge­woon – geen vrije markt den­ker! Chang is de eer­ste eco­noom die ik over de cri­ses ge­le­zen heb die open­lijk de ve­le my­thes en on­zin­nig­he­den, die door de neo-li­be­ra­le ka­pi­ta­lis­ten, hun geld­schie­ters en hun po­li­tie­ke pros­ti­tu­ees de we­reld in wor­den ge­slin­gerd, over­tui­gend ont­kracht – met naak­te fei­ten.

Zo­doen­de dus zijn boek: 23 din­gen die we nooit over het ka­pi­ta­lis­me te ho­ren krij­gen. Het is een zeer in­te­res­san­te lijst, met nog veel in­te­res­san­te­re ra­mi­fi­ca­ties voor on­ze toe­komst. Als je dit leest naast het boek How The West was Lost (2011) van Dam­bi­sa Moyo, dan wil je ei­gen­lijk nog maar één ding en dat is weg­we­zen uit Eu­ro­pa of enig an­der ou­de we­reld­deel en op een ei­land in de stil­le oce­aan er­gens on­der een boom gaan zit­ten. Dat is de or­de van groot­te van ont­luis­te­ring waar­mee de le­zer van dit tan­dem zich ge­con­fron­teerd zou kun­nen zien. Dus, wat zegt die Chang?

Chang stelt hel­der en niet mis te ver­staan de vol­gen­de fei­ten: 1: Er be­staat geen vrije markt. 2: Be­drij­ven moe­ten niet in het be­lang van hun ei­ge­naars ge­rund wor­den. 3: De mees­te men­sen in rij­ke lan­den krij­gen meer be­taald dan zou moe­ten. 4: De was­ma­chi­ne heeft de we­reld meer ver­an­derd dan het In­ter­net. 5: Ver­wacht het slecht­ste van men­sen en je krijgt het slecht­ste. 6: Gro­te­re ma­cro-eco­no­mi­sche sta­bi­li­teit heeft de we­reld­eco­no­mie niet sta­bie­ler ge­maakt. 7: Vrije markt be­leid maakt ar­me lan­den zel­den rij­ker. 8: Ka­pi­taal heeft een na­ti­o­na­li­teit. 9: We le­ven niet in een post-in­du­stri­eel tijd­perk. 10: De V.S. heb­ben niet de hoog­ste le­vens­stan­daard ter we­reld. 11: Afri­ka is niet voor­be­stemd voor on­der­ont­wik­ke­ling. 12: Over­he­den we­ten hoe ze win­ners moe­ten kie­zen. 13: Rij­ke men­sen rij­ker ma­ken maakt de rest van ons niet rij­ker. 14: Ma­na­gers uit de V.S. krij­gen te veel be­taald. 15: Men­sen in ar­me lan­den zijn on­der­ne­men­der dan men­sen in rij­ke lan­den. 16: We zijn niet slim ge­noeg om za­ken aan de markt over te la­ten. 17: Meer on­der­wijs op zich maakt een land niet rij­ker. 18: Wat goed is voor Ge­ne­ral Mo­tors is niet per de­fi­ni­tie goed voor de V.S.. 19: On­danks de val van het com­mu­nis­me le­ven we nog steeds in “ge­plan­de” eco­no­mie­ën. 20: Ge­lijk­heid van kan­sen hoeft niet eer­lijk te zijn. 21: Gro­te over­he­den zor­gen voor meer open­heid voor ver­an­de­rin­gen bij de men­sen. 22: Fi­nan­ci­ë­le mark­ten moe­ten min­der ef­fi­ci­ënt wor­den, niet meer. 23: Goed eco­no­misch be­leid heeft geen goe­de eco­no­men no­dig.

Het gei­ni­ge is dat de bo­ven­staan­de din­gen een wa­re aha-er­leb­nis ver­oor­za­ken als je ze een­maal door­hebt. Je ziet dan ook met­een hoe gron­dig we ei­gen­lijk ge­naaid wor­den door de vrije-markt den­kers en hun geld­schui­vers, die – in­der­daad, al heel erg lang – de we­reld heb­ben uit­ge­kleed voor het ei­gen ge­win. Maar dat heeft ook een voor­deel: Als je de 23 pun­ten hier­bo­ven een­maal goed in je vin­gers hebt, dan ben je on­ver­slaan­baar in elk de­bat over on­ze hui­di­ge eco­no­mie; en dat op ba­sis van fei­ten en de­ge­lijk on­der­zoek. En je snapt dan ook ge­lijk aan wel­ke pa­ra­me­ters de vol­gen­de re­vo­lu­tie zal moe­ten vol­doen.

Want ja, dat is toch waar het op neer gaat ko­men. Het kan niet zo zijn dat een klei­ne eli­te van zwen­de­laars en groot-geld-be­zit­ters een over­gro­te meer­der­heid van de we­reld­be­vol­king kan blij­ven uit­bui­ten. Het­zelf­de geldt voor de “ont­wik­kel­de” we­reld die de “on­ont­wik­kel­de” we­reld niet voor eeu­wig op zijn kop kan blij­ven zit­ten. Dat gaat een keer mis, dat is ze­ker. We zul­len zien. Ik maak in mijn le­ven de re­vo­lu­tie te­gen het glo­ba­le ka­pi­ta­lis­me mis­schien niet meer mee, maar ik kan wel mijn kin­de­ren sti­mu­le­ren om er een te be­gin­nen…