De Utopie van de vrije markt (2010) – Hans Achterhuis

In zijn laat­ste lezing – gehou­den in 2009 – ver­telt Tony Judt wat er mis is met de wereld: de Soci­aal Demo­cra­ti­sche waar­den waar­voor zo lang gestre­den is door enke­le gene­ra­ties van poli­tiek geëngageerde men­sen in de jaren 60, 70 en 80, wor­den lang­zaam maar zeker met de grond gelijk gemaakt. Dit gebeurt wereld­wijd en op een zeer rap tem­po. Het alter­na­tief dat ervoor in de plaats komt is een geglo­ba­li­seerd lais­sez-fai­re neo­li­be­ra­lis­me, dat kor­te met­ten maakt met eni­ge men­se­lijk­heid in de eco­no­mie en ruim baan schept voor de macht van het geld.

Het is triest dat een groot den­ker als Judt er niet meer is. Hij over­leed op 6 augus­tus 2010 op de jon­ge leef­tijd van 62 jaar aan de gevol­gen van een spier­ziek­te. Zijn lezing, uit­ge­zon­den op 10 okto­ber 2010 door de VPRO in haar serie Tegen­licht, is tevens zijn publie­ke tes­ta­ment. Hij roept hier op tot het her­den­ken van de zwaar bevoch­ten soci­aal­de­mo­cra­tie en geeft ons ter over­we­ging wat er mis is met een wereld waar­in een dui­de­lijk falen­de ide­o­lo­gie – die van het neo­li­be­ra­lis­me – niet een gro­te schop onder haar kont krijgt maar nog steeds glo­baal aan kracht wint.

De serie Tegen­licht heeft als onder­ti­tel: “De aan­val op Euro­pa” en onder­zoekt de vraag waar­om het Euro­pa van nu lang­zaam lijkt weg te zak­ken in een moe­ras van financiële pro­ble­men en groei­end nati­o­na­lis­me in lid­sta­ten met een tra­di­ti­o­neel cen­trum-link­se repu­ta­tie. Wat is er met Euro­pa aan de hand?

De beant­woor­ding van die vraag ligt vol­gens mij in de han­den van de soci­aal­de­mo­cra­ti­sche knap­pe kop­pen die nu zou­den moe­ten zor­gen voor een uit­weg uit deze ellen­de. Alleen zit­ten die niet in de denk-tanks waar­op nu de poli­tie­ke eli­te lijkt blind te varen. Ik weet het niet zeker, maar een sterk ver­moe­den rijst: er wordt geluis­terd naar de ver­keer­de men­sen als blijkt dat het gro­te en snel­le geld het nog steeds voor het zeg­gen heeft en een ver­re­gaan­de dere­gu­le­ring van de eco­no­mie het stan­daard ant­woord lijkt op alle pro­ble­men. Waar­om bestaat die super-vrije (financiële) markt eigen­lijk nog na de financiële cri­sis die we gehad heb­ben – en voor de gol­ven die we er nog van gaan krij­gen? Het zal toch niet waar zijn dat er nog steeds een inte­ger beeld bestaat van een vrije mark die zich­zelf kan regu­le­ren en ook soci­a­le doe­len realiseert?

Ik heb het me al vaker afge­vraagd: zijn die libe­ra­len nu gewoon slecht omdat ze lak heb­ben aan het belang van de maat­schap­pij en alleen maar aan hun eigen gewin den­ken, of zijn ze gewoon dom en echt over­tuigd van het feit dat kapi­ta­lis­ten zich­zelf kun­nen regu­le­ren als er een gro­ter goed mee gediend is? Het laat­ste kan ik me gewoon niet voor­stel­len, omdat het van een uiterst door­drin­gen­de naïviteit getuigt. Ieder kind kan zien dat kapi­ta­lis­ten aller­eerst hun eigen doel nastre­ven, dat is: de accu­mu­la­tie van kapi­taal. Dat daar­bij regels in de weg staan lijkt ze voor­al te irri­te­ren, en waar ze om die regels heen kun­nen, zul­len ze dat niet laten. De wereld zit vol met voor­beel­den die de impo­ten­tie van de kapi­ta­list in de schijn­wer­pers zet­ten. Om er een paar te noe­men: dode­lij­ke gif­wol­ken, zwaar ver­vui­len­de olie­bron­nen, lek­ke pijp­lei­din­gen, gif­ti­ge voe­dings­wa­ren, dode­lij­ke genots­mid­de­len, van anti­bi­o­ti­ca ver­ge­ven vlees, aard uit­put­ten­de pro­duc­tie­me­tho­den, dier-mis­han­de­len­de indu­strie-land­bouw, zelf ver­rij­ken­de kar­tel­vor­ming, cri­sis opwek­ken­de finan­cie­rings­pro­duc­ten, de lijst is onein­dig. De teneur is wel dui­de­lijk: kapi­ta­lis­ten zijn niet te ver­trou­wen, dus aan hen kan het wel­zijn van de wereld niet wor­den toevertrouwd.

Kapi­ta­lis­ten zijn men­sen, en alle men­sen moe­ten zich in begin­sel ter ver­ant­woor­ding stel­len aan een hoger, inter­men­se­lijk soci­aal ide­aal. Doen ze dat niet dan gaat het mis. Helaas lijkt het als­of “de neo­li­be­ra­len” dat inder­daad niet doen. En als zij dan ook nog de kweek­vij­ver vor­men voor de macht­heb­bers van van­daag – door een ster­ke grip te krij­gen op de poli­tie­ke are­na en het volk­se sen­ti­ment – dan heb­ben deze pla­neet en ieder­een die er op leeft slech­te kaarten.

Zou de neo­li­be­raal, of de kapi­ta­list, een spe­ci­a­le onder­soort zijn van Homo Sapiens Sapiens? Een­tje die is ver­sto­ken van een spe­ci­fie­ke sub­set van more­le waar­den? Wat krijg je dan; Homo Sapiens Amo­ra­les of zo.…? Je zou bij­na gaan den­ken dat dit voor de authen­tie­ke neo­li­be­ra­le kapi­ta­list een ver­eis­te is.

Voor wat het waard is: ik ben een boek aan het lezen dat inzicht geeft in het neo­li­be­ra­lis­me als ide­o­lo­gie. Het heet “De Uto­pie van de vrije markt” (2010) door Hans Ach­ter­huis. Ach­ter­huis is een filo­soof die zeer toe­gan­ke­lijk schrijft en hel­der uit­een zet waar­om het neo­li­be­ra­lis­me te ver­ge­lij­ken is met het com­mu­nis­me. De rich­tin­gen zijn tegen­ge­steld, het uto­pisch ide­a­lis­me is con­gru­ent. Als deze fra­se je direct tegen de haren in strijkt, dan is dit boek alvast een aanrader.

Ach­ter­huis levert wat mij betreft het eer­ste echt con­sis­ten­te ant­woord dat ik al jaren zoek op de vraag wat er eigen­lijk niet klopt aan de term “liberaal” in de dui­ding “neoliberalisme”. Ik ben van huis uit links en sterk anar­chis­tisch gene­gen, en daar zit een idee over vrij­heid aan vast. Vrij­heid bete­kent dat ieder­een goe­de kan­sen heeft en niet wordt bedreigd door krach­ten die een loop­je nemen met de per­soon­lij­ke inte­gri­teit van de indi­vi­du; of dat nu door een ander indi­vi­du, een staat of door een onder­ne­mer is. Ieder­een heeft recht op een vei­li­ge en kans­rij­ke omge­ving. Sim­pe­ler is het niet te stel­len. En dat prin­ci­pe staat boven het indi­vi­du­e­le recht om te kie­zen en te han­de­len, omdat die keu­zes of han­de­lin­gen niet altijd samen­gaan met het recht op vei­lig­heid voor ieder­een. Ik zou libe­raal – in de zin van vei­lig­heid en vrij­heid – dus graag uit de recht­se hoek wil­len heb­ben, maar dat gaat nu een­maal niet. Ik kan niet zo maar even de hele nomen­cla­tuur van de poli­tiek omver trekken.

Wat Ach­ter­huis me leert is om op een wat ont­span­nen­der manier met het boven­staan­de om te gaan. Hij laat zien hoe de neo­li­be­ra­le ide­o­lo­gie in elkaar zit en hoe sterk deze is gevoed door Uto­pisch den­ken. Hij geeft hier­voor mooie door­kijk­jes in het den­ken van Allan Green­span en zijn ide­o­lo­gi­sche voor­gang­ster Ayn Rand, en alle spin-offs die je in dezelf­de adem zou kun­nen noe­men – van Frits Bol­ke­stein tot Mil­ton Fried­man … en in het excuus dat de eerst­ge­noem­de maakt tegen­over een Senaats­com­mis­sie voor het falen van de vrije markt en de daar­door ont­sta­ne wereld­wij­de financiële cri­sis. Hij erkent let­ter­lijk dat het idee van de lais­sez-fai­re eco­no­mie niet werkt – en zelfs fun­da­men­te­le fou­ten bevat!

Neo­li­be­ra­lis­me is de nieu­we pest­epi­de­mie die over deze pla­neet waart. Na 30 jaar door-ette­ren – dat is zo lang als de soci­aal­de­mo­cra­tie daar­vóór voet aan de grond heeft gehad – kun­nen we tot geen ande­re con­clu­sie komen dan dat het een gevaar­lij­ke en mens­ont­e­ren­de ide­o­lo­gie is, die het slecht­ste van de men­sen naar boven haalt. We moe­ten er eigen­lijk van af en terug naar een opti­ma­le mix van vrije markt en gelei­de eco­no­mie. Zou dat er ooit nog van komen? Ik heb helaas geen ant­woor­den en ik kan niet in de toe­komst kij­ken. Ik krijg wel kou­de ril­lin­gen van de toe­ne­men­de ver­recht­sing van het Euro­pa om mij heen. Die kruipt voort ondanks het open­lij­ke falen van die zij­de van het poli­tie­ke- en cul­tu­re­le spec­trum, en ik vraag mij hard­op af of een elec­to­raat dat zich in die rich­ting blijft bewe­gen wel ooit tot haar zin­nen gaat komen. Mis­schien moet Ach­ter­huis op de ver­plich­te boe­ken­lijst voor maat­schap­pij­leer? Maar dan wel in een bewerk­te vorm voor de “libe­ra­le” jeugd onder ons.