De waar­schu­wing van Be­ni­to Mussolini

Dit plaat­je is een col­la­ge. Links het kloe­ke hoofd van Be­ni­to Mus­so­li­ni op een aan­kon­di­gings­pos­ter han­gend in mijn gang, met als be­ge­lei­den­de tekst: “De­mon­stra­tie van de Fas­cis­ti­sche Re­vo­lu­tie”. Rechts de bin­nen­kant van mijn WC-deur. Als de­ze ge­slo­ten is, dan kijkt Er­ri­co Ma­la­tes­ta – mijn eni­ge ech­te po­li­tie­ke idool – van de lin­ker­wand schuin neer op Mus­so­li­ni, cen­traal op de­ze deur. Hoe be­smuikt ook, weg­ge­sto­ken ach­ter de pri­va­cy van mijn toi­let, moet ik toch even een obli­gaat An­ti­Fa-punt ma­ken. Want de vraag waar­om de op­rich­ter / uit­vin­der van het fas­cis­me zo pro­mi­nent bij een so­ci­aal-an­ar­chist aan de muur hangt, is niet triviaal.

De bo­ven­staan­de vraag heb ik al eens be­ant­woord, zij het in ver­band met het Na­ti­o­naal-So­ci­a­lis­me. Kort ge­steld komt het er op neer dat ik de beeld-taal van de fas­cis­ten erg aan­trek­ke­lijk vind. Ik zou me­zelf voor mijn kop kun­nen slaan over een der­ge­lij­ke dis­po­si­tie, maar ei­gen­lijk is die heel nor­maal (om dat gru­we­lij­ke pre­di­caat maar eens te ge­brui­ken). Als je er heel even over na­denkt, dan is de lo­gi­ca onontkoombaar.

In de tijd voor in­ter­net en kleu­ren­te­le­vi­sie werd pro­pa­gan­da voor­al ver­spreid op pos­ters, in kran­ten en af en toe op het wit­te doek. Voor­al op zo’n pos­ter moet de bood­schap “er af sprin­gen”, dus dat ver­eist een gra­fi­sche ef­fec­ti­vi­teit van een ho­ge or­de. De mo­der­ne tijd, die na de eer­ste we­reld­oor­log (1914 – 1918) aan­brak, had daar­voor een mooie beeld­taal tot haar be­schik­king, die net was uit­ge­von­den en die erg goed moet heb­ben ge­werkt voor de over­dracht van voor­al idee­ën (in plaats van plaat­jes): het Ku­bis­me. Be­gon­nen als stro­ming bin­nen de beel­den­de kunst om­streeks 1906 en lo­pend tot on­ge­veer 1920, was het Ku­bis­me de pre­cur­sor van het Fu­tu­ris­me, de stro­ming die in be­lang­rij­ke ma­te vorm gaf aan al­les wat ik To­ta­li­tair-Re­a­lis­me zou­den kun­nen noe­men. (Ik schrijf het maar even zo op, want een be­te­re term kan ik niet ver­zin­nen.) Het Fu­tu­ris­me, op haar beurt, was ver­ge­ven van de fas­cis­ten, want die zwart­hem­den had­den iets met die toe­komst, die be­ter, snel­ler, gro­ter en ra­ti­o­ne­ler moest wor­den, wars van ou­de tra­di­ties en klein­bur­ger­lijk geleuter.

Ik ben een fer­vent toe­komst­kij­ker – een fu­tu­rist après la let­tre – maar dan een van de lin­ker­kant van het po­li­tie­ke spec­trum. Dat weer­houdt me er niet van om toch heel erg aan­ge­spro­ken te wor­den door de beeld-re­to­riek die door de fas­cis­ten ge­han­teerd werd (of wordt, al­hoe­wel de beeld-mees­ters van wel­eer, af­ge­me­ten aan de kwa­li­teit van van­daag, niet meer ac­tief zijn). In mijn op­tiek kun je zeg­gen wat je wilt, maar het To­ta­li­tair-Re­a­lis­me is vi­su­eel bij­zon­der aan­trek­ke­lijk; wel­ke club er ook ge­bruik van maakt. 

Daar­om hangt Mus­so­li­ni dus aan mijn muur. Maar er is nog iets: er zijn po­li­tie­ke com­men­ta­to­ren die ons waar­schu­wen voor een nieu­we New Or­der, die van het in­slui­pen­de fas­cis­me van van­daag. Daar­on­der zit­ten be­gaaf­de ana­ly­s­ten, zo­als Ma­de­lei­ne Al­bright en Noam Choms­ky. De te­neur van hun ver­haal is dat het fas­cis­me steeds pro­mi­nen­ter wordt, en niet al­leen als sub­cul­tuur in het groot­steed­se Eu­ro­pa, maar als vi­ge­ren­de “ide­o­lo­gie” van he­den­daag­se re­gimes. Dat van Do­nald Trump (VS) is er een van. Aan­ge­zien ik de angst van Al­bright en Choms­ky deel, wil ik best een hand­je mee­hel­pen om de we­reld te waar­schu­wen. Ver­be­ter de we­reld en be­gin bij je­zelf is het idee. Dus ik ver­be­ter de we­reld en be­gin al­vast in mijn toi­let. Daar­om han­gen er niet al­leen Fu­tu­ris­ten aan mijn muur, maar ook Mus­so­li­ni. Zijn ver­schij­ning moet de be­zoe­kers van mijn huis aan het den­ken zetten.

Als laat­ste op­mer­king stel ik dat er een grens is. Ik zou nooit een por­tret van Adolf Hit­ler aan mijn muur han­gen om de re­den die ik hier­bo­ven noem. Al­leen Mus­so­li­ni waar­schuwt in mijn huis voor het op­ko­men­de fas­cis­me. Dat is cu­ri­eus om twee re­de­nen: ten eer­ste is hij pre­cies de­ge­ne die het fas­cis­me heeft uit­ge­von­den; ten twee­de was hij het die na de eer­ste we­reld­oor­log naar Lon­den af­reis­de om de we­reld te waar­schu­wen voor een ge­terg­de en po­pu­lis­ti­sche Hit­ler, die na het ver­drag van Ver­sail­les (1918), met een uit­ge­kne­pen Duits­land ei­gen­lijk geen an­de­re kant op kon dan een nieu­we, to­ta­le oor­log in Europa.

Een gedachte over “De waar­schu­wing van Be­ni­to Mussolini

  1. Broe­ders laat ons de ka­zer­ne sloopen
    En op haar ge­ëf­fen­den grond
    Ons zaai­en weer in vreug­dig hopen
    Op oogst, op een blij­de­ren stond
    De wree­de waap’­nen neergesmeten
    D’u­ni­form rukt u van het lijf
    En al­om weer­galm­de ’t van de kreten:
    Komt broe­ders staakt dit moordbedrijf

    De wa­pens neer
    Voort­aan soldaten
    ‘T kruit ten prooi aan den wind gelaten
    Het helsch ka­non ont­brand niet meer
    Geen val­sche roem en eer voor soldaten
    Breekt de zwaar­den over de knieën
    En re­gi­men­ten gaat uiteen

    Met wat recht dwingt men ons te leeren
    Die vloek­ba­re kunst van het staal?
    Zul­len wij dan eeu­wig blij­ven eeren
    Dat men­schenon­tee­rend schandaal?
    Neen neen niet lan­ger mag m’ons leiden
    Naar de slacht­plaats als het vee
    Wil men ons tot oor­logs­hel­den wijden
    Wij zijn de sol­da­ten van de vree!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *